Meer communiceren, een duidelijkere koppeling met het ERK en meer aandacht voor rijke taal, cultuur en meertaligheid. De nieuwe kerndoelen Engels leggen andere accenten dan de huidige kerndoelen. Maar wat merkt een leerling daar straks van in de klas? En moet je als leerkracht of docent je Engelse lessen nu helemaal anders gaan geven?
Waarschijnlijk niet.
Veel leerkrachten en docenten zullen onderdelen van de nieuwe kerndoelen zelfs herkennen in wat ze al doen. Woordenschat blijft belangrijk. Grammatica blijft belangrijk. En natuurlijk blijven leerlingen lezen, luisteren, spreken en schrijven.
De verandering zit vooral in de samenhang en het doel.
Een leerling leert niet alleen Engelse woorden en taalregels, maar gebruikt die kennis om teksten te begrijpen, informatie te verwerken, gesprekken te voeren, te schrijven en daadwerkelijk te communiceren.
Je zou de beweging daarom kunnen samenvatten als:
Van Engels kennen naar Engels kunnen gebruiken.
Kort antwoord
De nieuwe kerndoelen Engels leggen meer nadruk op communiceren in het Engels, verschillende taalvaardigheden in samenhang gebruiken, ERK-niveaus en taal- en cultuurbewustzijn. De definitieve conceptkerndoelen voor het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs zijn klaar, maar nog niet wettelijk van kracht. Scholen kunnen er al wel mee aan de slag.
Wat zijn de nieuwe kerndoelen Engels?
De nieuwe kerndoelen moderne vreemde talen voor het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs zijn klaar.
Formeel gaat het nog om definitieve conceptkerndoelen. Ze zijn nog niet vastgelegd in wet- en regelgeving.
Dat betekent niet dat scholen moeten wachten. SLO geeft aan dat scholen de nieuwe kerndoelen al kunnen gebruiken om zich voor te bereiden en het gesprek over het eigen curriculum te voeren.
Dat maakt dit een interessant moment om niet alleen te vragen:
“Wat staat er in de nieuwe kerndoelen?”
maar vooral:
“Wat gebeurt hiervan eigenlijk al in onze Engelse lessen – en waar liggen nog kansen?”
1. Communiceren in het Engels krijgt een centrale plaats
Neem een eenvoudige les Engels in groep 5.
Leerlingen leren bijvoorbeeld:
mum – dad – brother – sister – aunt – uncle
Het oefenen en onthouden van die woorden blijft waardevol. Zonder woordenschat kun je immers moeilijk communiceren.
Maar daar hoeft de activiteit niet te stoppen.
Een leerling kan vervolgens een afbeelding van een familie bekijken en vertellen:
This is Maya. She has one brother. This is her aunt.
Een klasgenoot luistert en stelt een eenvoudige vraag.
Dezelfde woordenschat krijgt dan een tweede functie: de leerling gebruikt de taal om daadwerkelijk informatie over te brengen.
Hoe kan dat eruitzien in het vmbo?
Neem een thema als food and drinks.
Leerlingen bouwen eerst de benodigde woordenschat op. Daarna bekijken ze bijvoorbeeld een eenvoudig Engelstalig menu, luisteren naar een korte bestelling en spelen vervolgens met een klasgenoot een situatie in een café of restaurant na.
Can I have the chicken sandwich, please?
Would you like something to drink?
Yes, please.
Woordenschat en taalstructuren zijn dan geen doel op zichzelf, maar bouwstenen waarmee leerlingen kunnen communiceren.
Dat past bij een van de centrale kerndoelen voor Engels in de onderbouw van het VO: de leerling communiceert in het Engels.
2. Lezen, luisteren, spreken en schrijven komen vaker samen
Goede taaldocenten combineren vaardigheden natuurlijk al langer. De nieuwe kerndoelen maken die samenhang explicieter.
SLO beschrijft dat leerlingen hun productieve, receptieve en interactievaardigheden in samenhang ontwikkelen. In het dagelijks leven gebruiken we taal immers ook zelden als vier volledig gescheiden vaardigheden.
Een voorbeeld uit het PO
Een klas bekijkt een korte Engelstalige video over huisdieren.
De leerlingen luisteren en kijken. Vervolgens bespreken ze met een klasgenoot welke dieren ze hebben gezien en welk huisdier ze zelf leuk vinden.
Daarna schrijven ze drie eenvoudige Engelse zinnen over hun favoriete dier.
Binnen één activiteit komen verschillende taalvaardigheden samen.
Een voorbeeld uit het vmbo
Leerlingen krijgen twee mogelijkheden voor een weekend in Londen.
Ze lezen korte informatie over beide opties en luisteren naar aanvullende informatie. Vervolgens bespreken ze in tweetallen welke mogelijkheid ze zouden kiezen.
Tot slot schrijven ze een korte motivatie:
We choose option B because…
Lezen, luisteren, spreken en schrijven ondersteunen dan samen één betekenisvolle taak.
3. Welk ERK-niveau hoort bij de nieuwe kerndoelen Engels?
Een belangrijke verandering is de explicietere koppeling met het Europees Referentiekader voor Talen (ERK).
SLO benoemt voor het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs ERK-niveaus per taalvaardigheid.
In het PO zetten leerlingen hun eerste stappen als basisgebruiker van het Engels. Voor kijken en luisteren, lezen, mondelinge communicatie en schriftelijke communicatie werken zij doorgaans toe naar ERK-niveau A1.
In de onderbouw van het VO ligt Engels voor de verschillende taalvaardigheden doorgaans tussen A1 en A2.
Let op het woord ‘doorgaans’
De nieuwe kerndoelen betekenen niet dat iedere leerling aan het einde van groep 8 voor iedere Engelse taalvaardigheid exact hetzelfde A1-niveau moet hebben.
Is één ERK-niveau voor een leerling genoeg?
Neem Noor. Zij begrijpt eenvoudige gesproken Engelse instructies goed en leest eenvoudige teksten redelijk gemakkelijk. Maar zodra ze zelf Engels moet spreken, valt ze stil.
Wat vertelt de uitspraak “Noor zit op A1” dan precies?
Het wordt informatiever wanneer we naar haar ontwikkeling per vaardigheid kijken.
Of neem Jayden in het vmbo.
Jayden kijkt dagelijks Engelstalige YouTube-video’s en gamet regelmatig in het Engels. Gesproken Engels begrijpt hij daardoor opvallend goed. Maar het schrijven van een korte correcte Engelse tekst vindt hij moeilijk.
Is Jaydens Engels dan goed of niet?
Die vraag heeft geen eenvoudig antwoord. Zijn luistervaardigheid kan immers veel verder ontwikkeld zijn dan zijn schrijfvaardigheid.
Dat maakt kijken naar ERK-ontwikkeling per vaardigheid interessant – en het maakt differentiatie relevanter.
4. Rijke en betekenisvolle contexten krijgen meer aandacht
Voor Engels in de onderbouw van het VO is een van de drie kerndoelen dat de leerling de Engelse taal gebruikt in rijke en betekenisvolle contexten.
Daarbij gaat het onder andere om ervaring met een rijk aanbod aan fictie en non-fictie, creatieve expressie en het verwerken van Engelstalige informatie.
Dat hoeft geen enorm project te betekenen.
Neem bijvoorbeeld:
Plan a weekend in London.
Leerlingen krijgen enkele passende Engelstalige bronnen. Ze lezen informatie over activiteiten en vervoer, vergelijken mogelijkheden, bespreken een keuze en presenteren uiteindelijk hun plan.
Engels wordt zo het middel waarmee de leerling informatie begrijpt, verwerkt en gebruikt.
Dat betekent niet dat losse oefeningen geen waarde meer hebben. Een grammaticaoefening, woordenschattraining of korte leestaak kan juist nodig zijn om voldoende taal op te bouwen voor zo’n rijkere opdracht.
Het verschil zit in de verbinding.
5. Taal, cultuur en meertaligheid worden belangrijker
De nieuwe kerndoelen maken daarnaast taal- en cultuurbewustzijn expliciet.
Voor Engels in de onderbouw VO gaat het bijvoorbeeld om het eigen taalleerproces, meertaligheid, culturele aspecten en diversiteit en interculturele communicatie.
Dat klinkt misschien abstract, maar hoeft dat in de les niet te zijn.
In het PO
Leerlingen kunnen bijvoorbeeld ontdekken hoe kinderen in verschillende Engelstalige gebieden hun verjaardag vieren.
Wat herkennen ze? Wat is anders? Welke Engelse woorden en uitdrukkingen komen daarbij voor?
In het vmbo
Leerlingen bekijken bijvoorbeeld Engelstalige verhalen of berichten van jongeren uit verschillende landen over hun schoolleven.
Welke overeenkomsten en verschillen zien ze? Welke ideeën hadden ze vooraf? En blijken die ideeën eigenlijk te kloppen?
SLO noemt bij de uitwerking voor het VO onder andere het herkennen van stereotypering.
Engels wordt daarmee ook een manier om leerlingen kennis te laten maken met verschillende perspectieven.
De talen die een leerling al kent, mogen helpen
Een leerling begint niet met een leeg hoofd aan het leren van Engels.
Hij of zij beschikt al over taalervaring. Dat kan Nederlands zijn, maar bijvoorbeeld ook Fries, Arabisch, Turks, Pools, Oekraïens of een andere taal of taalvariëteit.
De nieuwe kerndoelen besteden nadrukkelijk aandacht aan dat meertalige repertoire.
Leerlingen kunnen bijvoorbeeld ontdekken dat talen overeenkomsten hebben en dat bestaande talenkennis soms helpt bij het begrijpen of leren van Engels.
Denk aan:
information – informatie
important – important
Maar meertaligheid gaat verder dan woorden vergelijken. Het gaat ook om bewust worden van welke taalstrategieën je al bezit en welke daarvan helpen bij het leren van Engels.
De thuistaal hoeft daarmee niet tegenover Engels te staan. Bestaande talenkennis kan juist een hulpmiddel zijn bij het leren van een nieuwe taal.
6. Engels verbinden met digitale geletterdheid en andere leergebieden
De nieuwe kerndoelen bieden ook aanknopingspunten om Engels te verbinden met andere leergebieden.
SLO noemt bijvoorbeeld samenhang met Nederlands, burgerschap en digitale geletterdheid.
Bij digitale geletterdheid wordt onder andere gewezen op online interactie en kritisch omgaan met digitale middelen die het leren van een taal kunnen ondersteunen.
Stel dat vmbo-leerlingen voor hun opdracht over Londen verschillende Engelstalige digitale bronnen gebruiken.
Dan kunnen vragen ontstaan als:
- Welke informatie hebben we nodig?
- Welke bron helpt ons daarbij?
- Hoe verwerken we de gevonden informatie?
- Hoe presenteren we onze keuze?
Afhankelijk van de opdracht kunnen daar vaardigheden uit andere leergebieden bij aansluiten.
Dat betekent niet dat iedere Engelse les ineens vakoverstijgend moet worden. Wel ontstaat ruimte om bewust verbindingen te leggen wanneer die de opdracht sterker maken.
Doe de 60-secondencheck
Hoeveel herken je al in jouw Engelse lessen?
☐ Mijn leerlingen gebruiken Engels regelmatig om daadwerkelijk iets duidelijk te maken.
☐ Lezen, luisteren, spreken en schrijven komen soms gecombineerd voor.
☐ Ik weet globaal naar welke ERK-ontwikkeling mijn leerlingen toewerken.
☐ Leerlingen krijgen verschillende soorten betekenisvol Engels aangeboden.
☐ We besteden naast taal ook aandacht aan cultuur en verschillende perspectieven.
☐ Leerlingen mogen bestaande talenkennis inzetten om Engels te leren.
☐ Ik houd rekening met verschillen tussen leerlingen én tussen hun taalvaardigheden.
☐ Ik verbind Engels soms met een ander leergebied wanneer dat inhoudelijk iets toevoegt.
Veel vinkjes? Dan is de kans groot dat verschillende uitgangspunten van de nieuwe kerndoelen al herkenbaar zijn in jouw lessen.
Minder vinkjes? Dat betekent niet dat je morgen je methode moet vervangen of je hele curriculum moet herschrijven. Gebruik de vragen liever om te bepalen waar mogelijkheden voor ontwikkeling zitten.
Wat betekenen de nieuwe kerndoelen voor differentiatie?
Hier ontstaat misschien wel een van de grootste praktische uitdagingen.
Een klas van 25 leerlingen bestaat vrijwel nooit uit 25 leerlingen met hetzelfde niveau Engels.
Dat wordt extra zichtbaar wanneer leerlingen vanuit verschillende basisscholen samenkomen in het voortgezet onderwijs.
De ene leerling heeft al jarenlang veel Engels gehad. Een ander veel minder. Daarnaast ontmoeten veel kinderen buiten school dagelijks Engels via bijvoorbeeld games, video’s, muziek en sociale media.
En zoals het voorbeeld van Jayden laat zien, kunnen er ook binnen één leerling flinke verschillen tussen vaardigheden bestaan.
Dat roept een belangrijke vraag op:
Moeten alle leerlingen altijd precies dezelfde Engelse oefening op hetzelfde niveau maken?
Een gezamenlijk thema of leerdoel kan prima samengaan met verschillende hoeveelheden ondersteuning, verschillende moeilijkheidsgraden of aanvullende oefening.
De explicietere koppeling met het ERK maakt het interessanter om niet alleen naar de klas als geheel te kijken, maar ook naar de ontwikkeling van individuele leerlingen.
Hoe sluit STERK Engels aan bij de nieuwe kerndoelen?
Ook voor ons als ontwikkelaar van STERK Engels PO en STERK Engels VMBO zijn de nieuwe kerndoelen aanleiding om kritisch naar ons eigen materiaal te kijken.
We vinden het te gemakkelijk om simpelweg een vinkje te zetten achter:
“Voldoet aan de nieuwe kerndoelen.”
Een methode realiseert immers niet zelfstandig een kerndoel. Uiteindelijk gaat het om het onderwijs dat leerlingen daadwerkelijk krijgen en wat zij daarin leren en ervaren.
Wel zien we duidelijke raakvlakken met de richting waarin STERK Engels is ontwikkeld.
Binnen de methode werken leerlingen vanuit thema’s aan verschillende taalvaardigheden. We gebruiken het ERK als referentiekader en de digitale omgeving biedt mogelijkheden om materiaal voor een klas of individuele leerlingen klaar te zetten.
Aanvullende programma’s en digitale mogelijkheden kunnen bovendien ondersteuning bieden bij verschillen tussen leerlingen en bij het aanbieden van extra oefening.
EdTool biedt daarnaast mogelijkheden om aanvullende assignments en materiaal naast de reguliere leerlijn te plaatsen. Dat maakt het interessant om te onderzoeken hoe we bijvoorbeeld Engels en digitale geletterdheid op een inhoudelijk zinvolle manier kunnen verbinden.
De nieuwe kerndoelen zien we daarom niet alleen als een lijst waaraan bestaand lesmateriaal moet worden getoetst.
Ze zijn ook een aanleiding om verder te ontwikkelen.
Bekijk hoe dit eruitziet in een echte les
Benieuwd hoe communicatie, ERK, differentiatie en verschillende taalvaardigheden binnen STERK Engels samenkomen?
Vraag vrijblijvend een proefaccount voor het primair onderwijs of vmbo.
Van groep 8 naar het vmbo: de doorlopende leerlijn Engels
De kerndoelen voor PO en onderbouw VO zijn in samenhang ontwikkeld en het ERK ondersteunt daarbij de doorlopende lijn.
Maar dat betekent natuurlijk niet dat niveauverschillen bij de overgang naar het voortgezet onderwijs ineens verdwijnen.
Integendeel.
Juist wanneer leerlingen vanuit verschillende basisscholen samenkomen, kan zichtbaar worden hoe verschillend hun ervaring met Engels is.
Een duidelijkere ontwikkellijn helpt dan om een betere vraag te stellen:
Waar staat deze leerling voor de verschillende vaardigheden – en wat is de volgende stap?
Daar gaan we in een volgend artikel dieper op in:
Van groep 8 naar de brugklas: waarom verschillen de niveaus Engels zo sterk?
Moet je nu al iets veranderen?
Nee, niet omdat het morgen verplicht is.
De nieuwe kerndoelen moderne vreemde talen zijn nog niet wettelijk van kracht.
Maar scholen kunnen er wel al mee aan de slag.
SLO werkt bovendien aan leerlijnen die scholen moeten helpen om de kerndoelen verder naar het eigen curriculum te vertalen.
Daarom is dit een goed moment om je huidige Engelse onderwijs eens naast de nieuwe richting te leggen:
- Wat doen we al?
- Waar gebruiken leerlingen Engels daadwerkelijk?
- Hoe kijken we naar ERK en niveauverschillen?
- Welke vaardigheden bieden we vooral los aan en waar combineren we ze?
- Hoeveel aandacht hebben taal, cultuur en meertaligheid?
Misschien blijkt dat je veel minder hoeft te veranderen dan je dacht.
Maar waarschijnlijk ontdek je ook een paar kansen.
De nieuwe kerndoelen geven daarvoor een duidelijke richting: leerlingen bouwen kennis van het Engels op én leren die kennis steeds zelfstandiger gebruiken om te begrijpen, informatie te verwerken, te creëren en met anderen te communiceren.
Veelgestelde vragen over de nieuwe kerndoelen Engels
Wanneer gaan de nieuwe kerndoelen Engels in?
De definitieve conceptkerndoelen moderne vreemde talen zijn klaar, maar nog niet wettelijk vastgelegd. Scholen kunnen ze wel al gebruiken om zich voor te bereiden op de toekomstige invoering.
Gelden de nieuwe kerndoelen Engels voor PO én VMBO?
De nieuwe kerndoelen moderne vreemde talen zijn ontwikkeld voor het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Voor het vmbo is daarnaast de vernieuwing van de examenprogramma’s Engels relevant.
Welk ERK-niveau geldt voor Engels in het PO?
Voor kijken en luisteren, lezen, mondelinge communicatie en schriftelijke communicatie werken leerlingen in het primair onderwijs doorgaans toe naar ERK-niveau A1. Dat betekent niet dat iedere leerling voor iedere vaardigheid exact hetzelfde niveau bereikt.
Welk ERK-niveau geldt voor Engels in de onderbouw van het VO?
Voor Engels liggen de niveaus voor de verschillende taalvaardigheden in de onderbouw van het voortgezet onderwijs doorgaans tussen ERK A1 en A2.
Verdwijnt grammatica uit de Engelse les?
Nee. De grotere nadruk op betekenisvolle communicatie betekent niet dat grammatica en woordenschat onbelangrijk worden. Leerlingen hebben juist taalstructuren en woordenschat nodig om steeds zelfstandiger Engels te begrijpen en te gebruiken.
Moet mijn school nu al met de nieuwe kerndoelen werken?
De nieuwe kerndoelen moderne vreemde talen zijn nog niet wettelijk van kracht. Scholen kunnen de definitieve conceptkerndoelen wel al gebruiken om te onderzoeken wat zij al doen en waar het curriculum eventueel verder kan worden ontwikkeld.
Wat veranderen de nieuwe kerndoelen concreet in de Engelse les?
Belangrijke accenten zijn betekenisvol communiceren in het Engels, verschillende taalvaardigheden in samenhang gebruiken, een duidelijkere koppeling met het ERK en meer aandacht voor rijke taalcontexten, taal- en cultuurbewustzijn en meertaligheid.
Bronnen en verder lezen
Voor dit artikel zijn voornamelijk de actuele publicaties en toelichtingen van SLO over de nieuwe kerndoelen moderne vreemde talen gebruikt.
- SLO: Actualisatie kerndoelen moderne vreemde talen
- SLO: Nieuwe kerndoelen moderne vreemde talen – wat verandert er?
- SLO: Definitieve conceptkerndoelen moderne vreemde talen
- SLO: Actualisatie examenprogramma’s moderne vreemde talen



