In de maand van dyslexie: drie opzienbarende ontdekkingen

maand van dyslexie

Het is de maand van de dyslexie. Wereldwijd wordt stilgestaan bij deze aandoening, die alleen al in Nederland één op de 20 kinderen heeft. Hoewel de stoornis inmiddels bekend is, valt er nog veel onderzoek te doen naar de precieze oorzaken. Ook valt het nog winst te behalen op het gebied van kennis van en begrip voor de aandoening binnen de maatschappij. 

In het onderwijs is het al lang geen onbekend begrip meer. Maar toch blijft er nog steeds veel onduidelijkheid bestaan en daardoor soms onbegrip. “Je hebt woordblindheid en daardoor maak je snel een schrijffout” is een algemene misvatting over wat de aandoening inhoudt. Want de problematiek en oorzaken van deze stoornis liggen veel complexer. Het ontstaat door een neurologische afwijking oftewel een afwijking in de hersenen. Deze afwijking is aangeboren en erfelijk. Het is dus niet te genezen, maar je kan met tools en de juiste leermethodes veel bereiken om het effect van dyslexie te verminderen.

Naar wat de precieze oorzaak is van dyslexie wordt nog veel onderzoek gedaan. Dat is ook nodig. In deze blog bespreken we drie recente en opzienbarende onderzoeksresultaten en de leermiddelen of methodes die vanuit deze ontdekkingen worden ontwikkeld.

Invloed van het functioneren van het werkgeheugen op lezen 

Dat dyslexie ontstaat door een afwijkende werking van de hersenen, was al langer bekend. Maar de bevindingen van een onderzoek wat in september 2022 gepubliceerd is, laten zien hoe en waar precies deze afwijkende werking plaatsvindt. Dit gebeurt namelijk in het werkgeheugen. 

Wat is dit en wat doet dit deel van je hersenen? Het werkgeheugen is het gedeelte wat tijdelijk informatie kan opslaan om hiermee complexe cognitieve handelingen te kunnen uitvoeren. Dit is essentieel bij het lezen en leren lezen. 

Door dit werkgeheugen te onderzoeken, ontdekten onderzoekers een verschil tussen die van personen met dyslexie en personen zonder. Bij personen met de aandoening waren in het werkgeheugen de gedeelten die het fonologisch bewustzijn en de executieve functies regelen, minder ontwikkeld.

De opslag van fonemen 

Wat is hiervan het effect van op je vermogen om te lezen? Het fonologisch bewustzijn zijn de geheugengedeelten die ervoor zorgen dat je klanken (fonemen) kunt opslaan om vervolgens te coderen. Bij mensen met dyslexie “hapert” het bij de opslag van fonemen in het werkgeheugen. Dit maakt de verdere verwerking lastig.

De werking van executieve functies 

Een executieve functie in het werkgeheugen zorgt ervoor dat je verschillende stukjes korte informatie in je korte termijn geheugen onthoudt en kunt combineren en manipuleren. Dit heb je bijvoorbeeld nodig in het verkeer, als je je fiets bestuurt, op het verkeer let en een route volgt. Met lezen moet je ook verschillende stukjes informatie samenbrengen om een tekst te begrijpen. Je moet alle informatie filteren, kunnen onthouden en zo verwerken. Dit is natuurlijk lastiger als het gedeelte in het werkgeheugen waar de executieve functies bestuurd worden, minder ontwikkeld is. 

Hoe ondersteun je in de klas een leerling met deze leesstoornis vanuit deze kennis over de werking van het werkgeheugen? Een goede aanpak om het fonologisch werkgeheugen te versterken en executieve functies te oefenen is bijvoorbeeld de inzet van technologische leermiddelen. Fast ForWord is een goed voorbeeld van een programma wat het fonologische bewustzijn versterkt en executieve functies traint. 

Moeite met klank herkenning en codering als oorzaak

Het was al duidelijk dat dyslexie een gehoorstoornis is en geen aandoening in het zicht of kijken. Doordat je moeite hebt klanken te herkennen en te combineren, wordt het coderen van lettergrepen ook lastiger. Een woord als ‘bed’ wordt moeilijk herkenbaar als je de ‘b’ en de ‘d’ als klanken door elkaar haalt. 

Deze gehoorstoornis ontstaat doordat het gedeelte in het geheugen wat fonemen codeert, niet goed werkt. Uit een uitgebreid onderzoek van MRI scans bleek een duidelijk neurologisch verschil te zijn bij mensen met dyslexie. Dit verschil zorgt ervoor dat de fonologische codering en het vermogen woorden uit te spreken minder goed ontwikkelen kan. 

Technologische hulpmiddelen 

Bij het leerproces kunnen kinderen of studenten ook met technologische hulpmiddelen in de ontwikkeling van spraak en fonologische codering ondersteund worden. Want training in klankherkenning en codering werkt het meest effectief. Met de juiste technologische hulpmiddelen optimaliseer je dit. Dit is ook het meest stimulerend. Zo kun je oefenen met akoestisch gemodificeerde spraakprogramma’s. Hierbij wordt alles op een rustiger tempo uitgesproken en specifieke klanken benadrukt. Het Fast ForWord programma heeft bijvoorbeeld een dergelijk spraakprogramma waarmee leerlingen kunnen oefenen.  

Grotere non verbale creativiteit 

Tenslotte is het in deze maand ook waardevol bewust te worden van de kwaliteiten of vaardigheden waar mensen met dyslexie juist in uitblinken. Want door onderzoek komen we achter iets wat leerkrachten in hun klas al vaak terugzagen. Het is gebleken dat leerlingen met dyslexie veelal over een hoge non verbale creativiteit beschikken.

Het is daarom goed om naast de aandacht die je besteed aan het oefenen en verbeteren van leesvaardigheden, ook ruimte creëert om een leerling te laten groeien in wat hij of zij juist wel goed kan. Zo kun je bijvoorbeeld in projecten naast lezen en schrijven voor andere verwerkvormen van onderzoek of lesstof kiezen, zoals muziek of kunst. Multi-sensorisch leren, het leren door verschillende zintuigen te prikkelen, kun je door schrijven te combineren met creatieve werkvormen. Dit kan door bijvoorbeeld een schrijfopdracht met stopverf te maken, of laat leerlingen ervaren hoe het is om met zand of pijpenragers te schrijven. Door de non-verbale creativiteit van de leerling met een leesstoornis in te zetten bij het lezen en schrijven, motiveer je de leerling en vergemakkelijk je het leerproces.

Tot slot: de rol van de leerkracht

Door de jaren heen is er al veel ontdekt over dyslexie en hoe je studenten en leerlingen met deze aandoening het best kunt ondersteunen. Deze maand is een goed moment om hierbij stil te staan. Maar het is vooral ook de tijd om te beseffen dat de rol van een leerkracht in het leerproces van een leerling met een leerstoornis cruciaal is. De leerkracht, zijn of haar kennis over dyslexie en het begrip hiervoor, maken een groot verschil in de ontwikkeling van een leerling. 

Wil je meer weten over actueel onderzoek naar deze aandoening en de hierop gebaseerde leermethodes? We nodigen je graag uit het inspirerende on demand webinar “2021 Dyslexia Research and Evidence-Based Best Practices” met neurowetenschapper en Northwestern University Professor Dr. Martha Burns te bekijken. Hierin worden laatste ontwikkelingen op het gebied onderzoek en daarop gebaseerde leermethodes besproken.

 

 
 

 

 
 

Tagged under: