Engels leren en dyslexie met Sterk Engels

Engels leren en dyslexie
Wat ik wou dat ik wist over dyslexie als leraar
English version by Amy Takabori

Toen ik lesgaf, had ik hardwerkende leerlingen die geweldige ideeën verwoordden tijdens klassikale discussies en geen leerproblemen leken te hebben. Op het moment dat ze papers inleverden stonden deze vol met simpele spelfouten en zelfs zinnen die ronduit onbegrijpelijk waren.

Wat gebeurd er? Ik was verbaasd en dacht ik dat ik niet veel meer kon doen, dan ze te helpen de papers te verbeteren.

Wat ik toen wou dat ik wist, was dat deze leerlingen mogelijk dyslexie hadden. En als je leraar bent, heb ook jij studenten met dyslexie gehad. Nee, echt waar, waarschijnlijk wel, ook al wist je het niet.

Een op de vijf mensen heeft dyslexie, en velen worden niet gediagnosticeerd tot de volwassenheid, of nooit. Van de leerlingen met leerstoornissen heeft 80-90% van hen dyslexie, waardoor het de meest voorkomende leerstoornis is die vaak gepaard gaat met andere aandoeningen zoals ADHD.

Sommige leerlingen of kinderen zijn mogelijk al gediagnosticeerd en hebben als  begeleiding om hun leerverschillen op te vangen. Maar vele anderen met dyslexie kunnen dit niet verbergen.

Ik sprak met Marlene M. Lewis, M.A., een logopedist, die naast andere leerstoornissen ook met kinderen met dyslexie werkt. Ze vertelde ze wilde dat iedereen – opvoeders, ouders en studenten – op de hoogte zijn van dyslexie en gaf 4 punten aan, hoe je eerder kunt starten met het begeleiding.

1. “Wacht niet tot in het voorgezet onderwijs of hoger om te zien hoe een student vordert.
Dyslexie moet worden behandeld zodra een leerkracht of ouder ziet dat een leerling geen fonologische bewustzijnsvaardigheden oppikt, wat doorgaans al wordt opgemerkt in groep 3 van het basisonderwijs

Wachten om leerlingen gerichte ondersteuning te bieden totdat ze beginnen te falen bij het lezen in groep 4 of groep 5 van het basisonderwijs wordt de ‘afwachtende’ benadering genoemd en uit onderzoek is gebleken dat dit in de  praktijk nadelig is voor leerlingen.

2. “Dyslexie en worstelen met lezen, bij gebrek aan andere bekende factoren die dit zouden verklaren, zijn hetzelfde.
Een diagnose van dyslexie is niet per se nodig om het worstelen met lezen te behandelen. ”

In een  voortdurende discussie, die werd opgewekt door het boek The Dyslexia Debate uit 2014, hebben experts betoogd waarom dyslexie al dan niet moet worden onderscheiden van algemene leesstoornissen. Aan het eind van de dag maakt het niet uit hoe de diagnose wordt gesteld. Worstelende lezers mogen niet overgeslagen worden. We moeten ze het voordeel geven van de twijfel dat hun achterstand misschien neurologisch is, zoals dyslexie, in plaats van een gebrek aan motivatie of inspanning.

3. “Dyslexie gaat niet specifiek over het omkeren van letters of cijfers.” Een veel voorkomende mythe is dat dyslexie een zichtprobleem is dat voorkomt dat lezers tekst correct op de pagina zien. De wetenschappelijke benadering is dat het in de eerste plaats een auditieve stoornis is waarbij het moeilijk is snelle geluiden te verwerken.

4. “Dyslexie hoeft geen levenslange aandoening te zijn.
Het kan voor veel meer studenten vroegtijdig worden beëindigd door ermee leren om te gaan – we hebben de neurowetenschap en de technologie om dat te doen. ”

Hoewel dyslexie ongeneeslijk is, kunnen de symptomen ervan voor een groot deel worden verholpen met behulp van leesinterventies en speciale instructieondersteuning die zijn gebaseerd op neurowetenschappelijk onderzoek. Fast ForWord is een op neurowetenschap gebaseerd lees- en taalsoftwareprogramma waarvan bewezen is dat het leerlingen met dyslexie helpt en ook Engels te leren.

Nu weet je dus wat ik wou dat ik als leraar had geweten, welke veranderingen ga jij in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs of in het thuisonderwijs aanbrengen? Begin je eerder met dyslexie-achtige symptomen aan te pakken dan in groep 4 of groep 5 van het basisonderwijs? Als je met leerlingen in het voorgezet onderwijs werkt, behandelt je dan moeite met lezen alsof het neurologisch gebaseerd in plaats van op gedrag gebaseerd, zelfs als de leerling niet is gediagnosticeerd?

Hoewel leraren en ouders moeten vertrouwen hebben in de opgeleide professionals om dyslexie te diagnosticeren, is het belangrijk om te weten wat dyslexie wel en niet is wanneer we met een worstelende lezer werken. Het belangrijkste is dat we niet vergeten dat het, ongeacht de leeftijd, voor niemand nooit te laat is om dyslexie te overwinnen. Met de juiste tools kan elke leerling een sterke lezer worden.

Tagged under: